Nieuwe wegen voor Vutters en gepensioneerden!

Interview met Lambert Rooskens

Lambert Rooskens

Lambert Rooskens

Voor iedereen komt eens het moment dat je afscheid moet nemen van je werkzame leven.  Hoe ben je daar mee omgegaan? Voor mij kwam dat feitelijk al in 2003 toen ik na 25 jaar afscheid nam als algemeen secretaris van MKB Limburg, voorheen de Limburgse Organisatie van Zelfstandige Ondernemers.  Ik was toen nog geen 65 en heb tot die leeftijd projecten gedaan t.b.v. deze en bevriende organisaties.  Daardoor kon ik geleidelijk aan ingroeien naar de nieuwe situatie.   Als je een baan hebt gehad waarin je vele uren,  vaak ook ’s-avonds,  heb moeten besteden dan vraag je je toch af wat je na je pensioen met je tijd moet gaan doen.  Wat kan ik doen om een zinvol leven te houden?  Ik ben niet direct het type dat met hamer en nijptang op pad gaat om te klussen en ik moest dus iets zoeken wat bij mij past en waarin nog voldoende uitdaging zit om het leven spannend te houden.  Ik stond  dus open voor een nieuwe uitdaging,  ik wist alleen nog niet wat.

Hoe kwam je toen in aanraking met de Stichting Vitaal Kapitaal Limburg (SVKL) ?

Bij de overheid golden toen regelingen voor vervroegde uitreding van ambtenaren. Dit waren en zijn vaak mensen met kennis van zaken op vele uiteenlopende terreinen en vaak ook met een nog groot netwerk.  Iemand ze toen  “Na drie maanden fietsen  wil je toch wel weer een uitdaging”.  Het zou jammer zijn als men hun kennis en vaardigheden  verloren zou laten gaan.  Het zijn natuurlijk  gezonde en vitale mensen die nog veel in hun mars hebben.  Bij de provincie vroeg men zich af of deze mensen er behoefte aan hebben zich nog nuttig te maken in projecten.  Dit leidde daar tot het idee om een structuur op te richten die zou gaan proberen t.b.v. deze mensen projecten aan te trekken waarin deze mensen zinvol inzetbaar zijn.

Telefoontje van de provincie.

Ik werd gebeld door Jan Smeelen van de provincie met de vraag of ik er voor voelde om SVKL van de grond te krijgen.  Het was uitdrukkelijk niet de bedoeling dat deze stichting zich uitsluitend zou richten op uitgetreden provinciale ambtenaren. Ik voelde me meteen aangesproken.   Zo kwam ik medio  2005 in aanraking met Ed Meijer, Jac.  Habets en Rijk Hammer die ook werden benaderd.   Later kwam Brigitte Hoen erbij die optreedt als uitvoerend secretaris.  Gezamenlijk hebben we toen de stichting Vitaal Kapitaal Limburg opgericht. Mijn functie werd die van penningmeester.  We kregen van de provincie een startkapitaaltje mee met de uitdrukkelijke mededeling dat we ons zelf verder moesten zien te redden. Dat is tot nu toe redelijk goed  gelukt.

Hoe kreeg Limburg SVKL op het netvlies?
bestuur vlnr Mr J. Habets, Mr E. Meijer en L. Rookens secretaris, voorzitter en penningmeester SVKL.

bestuur vlnr Mr J. Habets, Mr E. Meijer en L. Rookens secretaris, voorzitter en penningmeester SVKL.

Ja, we hadden een bestuur en konden het goed met elkaar vinden,. Maar nu kwam het punt aan de orde hoe we vrijwilligers en  projecten konden binnenhalen .  De provincie maakte reclame voor ons in de personeelsbladen  en ook gemeenten en anderen besteedden aandacht aan ons.  De eerste maanden en eigenlijk ook jaren hebben we vaak wekelijks vrijwilligers ontvangen, iets wat we nu nog steeds regelmatig doen.  Een van de eerste vrijwilligers was Jules Jurgens die door het bestuur werd aangesteld als accountmanager.  Zijn taak was vooral om projecten en vrijwilligers  binnen te harken.

Bijeenkomsten met vrijwilligers.

We gingen bijeenkomsten organiseren voor onze vrijwilligers. Organisaties en instellingen die graag gebruik wilde maken van onze expertise werden als spreker uitgenodigd met het idee onze mensen voor hun projecten enthousiast te maken.  Een van deze sprekers was Jo Maes, directeur van het Huis voor  de Zorg  Hij vroeg mensen die zich als “ambassadeur” willen inzetten voor het Huis in bestuurlijke organisaties, klankbordgroepen, klachtencommissies  etc.  Dit sprak mij meteen aan en ik heb me gemeld. Na enkele informatiebijeenkomsten in het Huis in Sittard was ik klaar voor het werk. Binnen een jaar werd ik lid van de klachtencommissies van de beide Limburgse GGD’s . Dit zijn serieuze,  soms ernstige zaken waarbij mensen een klacht indienen omdat men het niet eens is met een beoordeling , handelwijze of een keuring door een GGD arts. Verder werd ik lid van de klankbordgroep van de Zorggroep Limburg-Noord.  Dit is een grote organisatie met meer dan tienduizend mensen op de payroll. Nu ook een organisatie midden in de turbulentie van alle veranderingen in de zorg. Dit leidt daar tot veel ontslagen en ook veel onzekerheid voor de patiënt. Het is daarbij mijn taak om de positie van de zorgvrager scherp voor ogen te houden.  De mogelijkheden zijn beperkt omdat we nu eenmaal afhankelijk zijn van de politieke besluitvorming in Den Haag.

Ambulancezorg.
Jo Maes directeur Huis voor de Zorg

Jo Maes directeur Huis voor de Zorg

Daarmee is het verhaal niet voorbij . Ik kwam in de cliëntenraad van de ambulancezorg Limburg -Noord. Hier kreeg ik te maken met een organisatie die, kapitaalsintensief,  met moderne middelen en binnen strenge kostenkaders zeer vernieuwend bezig is. Een organisatie die graag samenwerking zoekt met anderen zoals de thuiszorg omdat sommige dingen gezamenlijk beter en efficiënter gaan. Een organisatie ook die veel investeert in opleiding en training van hun medewerkers.  De grote opdracht is om altijd weer op tijd bij een spoedgeval te zijn,  ook als dit veraf op het platteland van Noord-Limburg is.

Ongevallen en rampen.

Tot slot kwam ik terecht bij de GHOR (Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen)  Limburg-Noord. Dit is een onderdeel van de Veiligheidsregio .  Hier kwam ik aan tafel met de ziekenhuizen in de regio, de politie, defensie, brandweer, ambulancedienst,  de huisartsen,  Rode Kruis en GGD.  Al deze organisaties kunnen een rol spelen als er zich rampen voordoen. De grote uitdaging zit er in om in alle denkbare situaties tot een goed samenspel te komen.  Dit vergt veel gezamenlijke training , opleiding en oefening. Acties moeten goed worden gecoördineerd en iedereen moet 7 x 24 uur weten wat te doen en hoe te handel en als er zich een grote of kleine ramp voordoet.  Zo werd er o.a. gesproken over scenario’s rond de Mexicaanse griep en de Q koorts.  Als er zich iets heeft voorgedaan zoals een grote brand wordt altijd besproken hoe het is gegaan en wat we er van kunnen leren. Ook grote evenementen zoals de Floriade, de Venloop etc.  krijgen volop aandacht.  Ook hier altijd de positie van de patiënt scherp voor ogen houden.  Het is het beste als de burger nooit iets hoort van de GHOR, dat betekent dat we het werk in stilte goed hebben gedaan.

Nieuwe horizon.

Als ik dit nu allemaal overzie dan moet ik zeggen dat ik 10 jaar geleden werkelijk geen idee had dat dit allemaal op mijn pad zou komen. Dit opende een nieuwe wereld, een wereld waar ik voorheen niet mee te maken heb gehad.   Dit geeft mij het gevoel als vrijwilliger van de SVKL zinvol bezig te zijn. Ik zit namelijk niet namens mijzelf in deze organen maar namens de Limburgse zorgvrager. Dat kan iedereen zijn.

Wilt U ook een boeiende toekomst?  Meld u zich bij SVKL

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *